Flessenpost XXIV

ALLE TIJD  

Dat wat voorafging door zal gaan 
in een voortdurende voortgang 
van het nu, zelf voor altijd voorbode 
van een dan geworden straks. 
 
Het later laten liggen tot het weer 
verder is geraakt dan het zo-even 
(stante pede toen geworden, nog voor 
het toe was aan een verleden). 
 
Dat het nu niet langer houdbaar is, 
nu niet, nu niet en nu nog steeds niet. 
Dat het ooit over zal zijn, voorgoed 
 
voorbij het eerst nog komende. 
En daar dan bij stilstaan, hier, 
alsof daar alle tijd voor is. 

Ongepubliceerd

Ik heb van alles gelezen over tijd: van de vloeiende tijd van Henri Bergson (als zodanig niet te meten, maar enkel intuïtief te vernemen) tot de kwantumbegrenzingen van de tijd (waarbij de kleinheid van schaal diametraal tegenover het ongeloof erover komt te staan). Dan heb je nog de pijl van de tijd, die nergens zo hard toeslaat als bij het zelf (kijk in de spiegel, kijk dan naar een foto van tien jaar geleden).

Tegelijkertijd is niets zo veranderlijk als de tijd zelf, zelfs dezelfde tijd is niet eens altijd hetzelfde. Het verstrijken van tijd gedraagt zich heel anders du moment en bij het terugkijken achteraf. De tijd lijkt eindeloos te duren bij het nietsdoen in verveling (wachten, wachten en nog eens wachten) en voorbij te vliegen bij een afwisseling in activiteiten. Kijk je erop terug, is de tijdsbeleving ineens omgedraaid: de dagen van eindeloze verveling lijken te zijn voorbijgevlogen en de periodes van enorme afwisseling duurden eindeloos.

Om zoveel mogelijk tijd te ervaren, en binnen die minieme hoeveelheid tijd die ons gegeven is toch het maximale eruit te halen, verdient het aanbeveling je dagen dan ook aldus op te delen: een deel nietsdoen om de tijd ten volste te ervaren, en een deel van afwisselende activiteiten om er eindeloos op terug te kunnen kijken. Tussendoor is het dan handig om ook  te slapen, want er gaat toch maar niks boven de tijdloosheid daarvan en de ellenlange dromen die daarbinnen in enkele seconden plaatsvinden.

Ruben van Gogh

Speciale uitgave: Engel achter glas – een handgeschreven en gebonden kleinood om het culturele zwaar weer door te komen.

1 44 45 46